Trein Terreur ;)
Door:

Categorie: Column
Geplaatst op 5 september 2017 | Bijgewerkt: 5 september 2017 om 15:29 uur.
Woorden: 1026 | Leestijd: circa 5 min.
|

Afgelopen zondag ging de preek over de bescherming van God.
Een mens is niet gemaakt om te leven uit angst of onzekerheid.
In deze onzekere tijden van terreur kunnen aanslagen en dat soort andere zaken ervoor zorgen dat jij en ik
ons onveilig kunnen voelen.
Onze keuze is om je beschermd te weten door God, zodat je vrij kunt worden van angst.
“Angst en vrees is óók een geloof,maar dan alleen is z’n achteruit,hoor ik onze dominee zeggen.
Geloven is vertrouwen,vreest niet!”
Deze preek lijkt speciaal voor mij.
Want als er één een angsthaas, een schijtlijster en een watje is, ben ik het .
Dus vanaf zondagochtend besluit ik :
Anita, vrees niet ,geloof alleen!
Maar mijn geloof word de volgende dag al heel snel op de proef gesteld als ik onverwacht in een buitengewoon benarde situatie beland.
Omdat de weersvoorspellingen goed zijn besluiten we het begin van onze tweede vakantieweek een ‘buitenaktiviteit’
op te zoeken.
Mijn oog valt op een Zandsculpturenfestijn in Garderen.
Het woord festijn lijkt iets overdreven voor een paar zandkastelen,maar eenmaal aangekomen waan ik me in een heus paradijs.
De omliggende beeldentuin is prachtig aangelegd met kleurige planten.
Er zijn brocante winkeltjes achter oude gevels ,tuinkabouters van Rien Poortvliet en er zijn schattige prieeltjes waar je koffie met appeltaart kunt krijgen.
Plus dan die zandsculpturen. Gelukkiger kun je me niet maken!
We bezoeken de binnen-tentoonstelling met bijzonder mooie zandkunstwerken in jaren 50 setting en doen fanatiek mee aan een gezelschapspellenquiz van zand.
Na een broodje kroket op het terras zie ik ineens tot mijn grote vreugde dat je ook een ritje kunt maken in een traptreintje dat boven het publiek rijdt, om van boven de mooiste foto’s te maken.
Op zulke momenten komt mijn kindertijd in alle hevigheid naar boven en ‘wil-ik-ook’.
We stappen in het treintje,wat doet denken aan een Fred Flintstone auto ; een stalen kooi op houten boomstamwielen.
Enthousiast trappen we onszelf vooruit.
Vanaf boven schieten we mooie plaatjes en ik verbaas me over het bijzondere effect van foto’s-bovenaf,als we weer verder willen trappen. Maar wat schetst m’n verbazing?
De kooi is met geen tien trappen meer vooruit te krijgen.
Angstig kijk ik naar de mensen onder ons, die inmiddels stil zijn blijven staan en ons vanaf een meter of vijf schaapachtig aanstaren.
“Hij doet niks méér”,lacht Mijn Meneer naar beneden en geeft mij ondertussen de aanwijzing achteruit te trappen.
“Én nú weer naar vóren, misschien krijgt ‘tie dan weer grip”, glimlacht hij.
Ik hoor mezelf kinderachtig, maar nerveus giechelen en zie dat er zich onder ons steeds meer mensen verzamelen.
Machteloos besef ineens dat we ongewild de hoofpersonages zijn geworden van een voorstelling in een openluchttheater.
“O hellup, hoor ik mezelf zuchten..die mensen kwamen tóch voor die zandkastélen?”
Lief naast mij blijft even nuchter als altijd en doet alsof al ons publiek ineens naar de mooie blauwe wolkenlucht kijkt in plaats van naar ons, maar ik voel me met de seconde onrustiger worden.
“Moet je al die mensen zien kijken!”,wijs ik naar beneden om mijn Lief weer terug in de realiteit te krijgen,maar deze vertrekt geen spier. Behalve dan zijn kuitspieren om onze Flintstone car weer in beweging te krijgen.
En ja hoor, dan ineens, na verwoede pogingen komt er weer beweging in het ding .
“Jááá…Joehóe ,hoor ik een oudere meneer onder ons aanmoedigend juichen.
Ik voel ons zwaar bekeken en kijk ietwat beschaamd opzij.
“Nu moeten we dóórtrappen en niet meer stóppen, fluistert hubby lachend en trapt als ware hij Michael Boogaart in zijn hoogtijdagen.
Niet veel later bereiken we het stationnetje.
Lief trekt aan de deur van de kooi, om het voertuig te verlaten, maar de deur zit muurvast.
“Húh?, hóe kan dat nou? Hij gaat niet open!”, hoor ik naast me.
“… dúwen, trékken…,gebied ik tegenstrijdig.
“Er zit een beveiliging op, concludeert Lief, ík denk dat’tie nog nét niet dicht genoeg bij het stationnetje is.”
“En nú?”zucht ik. Ik kijk naar beneden, terwijl ik het karretje in beweging probeer te krijgen.
De kooi is blijven steken en moet handmatig van buitenaf verder de rails op geduwd worden.
Maar op het station staat niemand! En dat begrijp ik best.
Want voor mijn gevoel hebben zojuist bijna alle bezoekers van het zandsculpturenfestijn ons ‘pech onderweg gevalletje’ aanschouwt en niemand durft natuurlijk meer in dat treintje!
Ik kijk ietwat wanhopig om me heen, maar besluit nog niet in paniek te raken en rustig af te wachten.
En besluit: Eén: er zijn nog mensen,twéé: ik heb nog frisse lucht en dríe: m’n hubby is er, dus zo erg is het niet.
Ik vraag me net af hoelang onze opsluiting nog duurt als er uit het niets een bejaard echtpaar de trap van het stationnetje op komt lopen.
“Kunnen jullie d’r niet meer uit? “lacht de grijze meneer.
Hij pakt het treintje beet en kijkt ons door de tralies lachend aan.
“Misschien wilt u ons een stukje verder duwen ? “vraagt Lief, die zich inmiddels ook al veel te lang voelt bekeken.
De grijze meneer glimlacht meelevend en geeft een paar rukken aan de kooi,zodat we het stationnetje binnen glijden.
Met ferme kracht trekt Lief aan de tralies en dan ineens vliegt het deurtje open.
Met een dankbare blik naar onze bevrijder stap ik uit en samen lopen we de trap af naar beneden.

Het is inmiddels een half uur later.
Ik draai aan de kaartenmolen van het brocante winkeltje.
Mijn oog valt op een eenvoudige witte kaart met aquarel geschilderde kleurige ballonnen.
“Soms moet je gewoon los laten”, staat er met sierlijke letters.
Als ik net de kaart uit de standaard graai voel ik ineens een hand op m’n schouder.
Het is de mevrouw van de grijze meneer.
“En ? Een beetje bijgekomen van de treinrit, meid ? ,grinnekt ze.
Ik knik .
“Nóu,doe ik ietwat overdreven, jullie waren precies op de juiste tijd op de juiste plaats. Anders zaten we er nu nog!”
Ik zet de kaart weer terug in de houder en voel mezelf glimlachen.
Loslaten..en vertrouwen ,tja…..zo eenvoudig is het soms gewoon….



2 reacties

 
|

Geef een reactie